Module 3 – Concentratie en algemene luisterhouding

anekdote : Daan vind het moeilijk om zich te concentreren in de klas

Als Daan de klas in loopt is het er druk. De ouders lopen kris kras de las door om hun kinderen nog een laatste knuffel te geven. Sommige ouders lopen puffend en hijgend de klas door, omdat ze zich enorm hebben moeten haasten om op tijd te komen. Daan kan zien aan de gezichten van de kinderen, maar ook aan hun uitstraling, dat ze gestresst zijn. Ook zijn klasgenootjes moesten zich haasten. Het gebeurt wel vaker dat Daan op deze manier verhaaltjes ziet bij personen om hem heen. Hij vindt dat niet altijd leuk, en probeert er zich voor af te sluiten.

Tijdens de rekentoets moet Daan zich enorm concentreren. Hij heeft een werkboekje die vol staan met opgaven die hij binnen een half uurtje moet afhebben. Daan presteert niet zo goed onder tijdsdruk. Dan roept Ilse door de klas heen : "Juf, ik ben klaar hoor !". En de juf komt kijken en roept dan : "Nee hoor, je bent de achterkant van het blaadje vergeten.​ Die moet je ook nog doen. Ga maar snel verder". Daan is dan even helemaal de draad kwijt. Waar was hij ook alweer gebleven ?

Dan roept Tom : "Juf, ik moet nodig naar de wc !". De juf kijkt hem geërgerd aan en wijst​ naar het bordje wat in de klas hangt. Als het op groen hangt, is de wc vrij. Dan kun je dus gewoon naar de wc gaan. Als hij op rood hangt is hij bezet. Zodoende hoeft niemand door de klas te roepen. Tom was het even vergeten. "Oh ja", zegt hij. Weer is Daan even de draad kwijt. Wat was hij ook alweer aan het doen ?

Als Daan dan net even lekker bezig is, dondert Bas met stoel en al achterover op de grond. "AAAAAUUUWWWW!!!!", schreeuwt hij luid. Hij was op zijn achterste twee stoelpoten aan het leunen en ging nu finaal onderuit. Iedereen keek om naar Bas. Daan weet nu niet meer wat hij moet doen. Het lukt hem gewoon niet om te concentreren. Daan krijgt er de tranen van in zijn ogen. Als de juf het ziet komt ze even bij hem zitten. "Wat is er ?", vraagt ze lief. "Met al dat lawaai", snikt Daan, "kan ik me gewoon niet concentreren !". "Je hebt helemaal gelijk", zegt juf vastbesloten. "Daar moeten we meteen iets aan gaan doen".​

opdracht 08 - lawaai in de klas

Lees het verhaal van Daan nog eens goed door, en denk eens na over de volgende vragen:

  • Wat is nu eigenlijk echt het probleem in deze klas ?
  • Is het bij jou in de klas ook wel eens zo lawaaierig en druk ?
  • Heeft de juf regels in de klas om het rustig te houden ?
  • Wat zou jij doen om het voor Daan prettiger te maken in de klas ?
  • Kan de juf iets doen ?
  • Kan Daan zelf iets doen ?
  • Hoe gaat het bij jou in de klas ?

anekdote : Simone is goed in verhalen vertellen

De meester begint met de rekenles. Hij gaat voor in de klas naast Carmen op het tafeltje zitten en kijkt zo de klas in. Op het digibord laat hij een som zien. "35 x 4 -12", staat er. "Wie weet hoe we deze som moeten oplossen ?", roept de meester opgewekt. Simone vind het nog steeds gek dat de meester zomaar op het tafeltje voorin de klas gaat zitten. Hij wiebelt wat met zijn benen op en neer. De meester heeft sandalen aan, met van die grijze geiten wollen sokken eronder. Simone weet nog dat papa de vorige week ook sandalen had gekocht. Zou papa daar ook van die afschuwelijke geiten wollen sokken onder dragen ? Is dat niet iets voor oudere mensen ? De papa van Nina loopt altijd op van die hippe gympen met van die korte enkelsokjes eronder. Dat is toch veel mooier ?

Opeens wordt Simone uit haar verhaal getrokken doordat Nina, die naast haar zit heel hard roept "meester, ik weet het !! Mag ik het zeggen ?!". Heel even is ze weer bij de les. "Oh ja", denkt Simone, "de som oplossen". Maar dan herinnert ze zich dat Nina haar gisteren op het schoolplein even apart nam om te vertellen dat ze de meester zoooo leuk vond ! Meester Casper is een van de meest populaire meesters op school, en hoe gaaf was het dat uitgerekend zij dit hele jaar met meester Casper mochten werken ? "Oh waw", denkt Simone. "Het lijkt net alsof Nina haar eerste echte verliefdheid heeft te pakken ! Ben ik er dan niet te laat bij ? Ik ben nog niet verliefd. Hoor ik er nog wel bij als ik nog niet verliefd ben ?". Dan voelt ze opeens een hand op haar schouder. Simone krijgt meteen een rood hoofd. Het is de hand van de meester. "Simone", roept de meester rustig. "Weet jij wat de uitkomst is van de som ? Of was je met je gedachten weer ergens anders ?".

opdracht 09 - associatief denken

Het is bijna altijd druk in het hoofd van Simone. Simone denkt in beelden. Wanneer die beelden voorbij komen in haar hoofd, schieten er wel eens andere filmpjes voorbij. Die filmpjes gaan dan over iets waar ze aan moet denken, terwijl de meester iets vertelt, of wanneer Nina opeens haar vinger opsteekt. Het wordt dan moeilijk voor Simone om zich te concentreren. We noemen dat "associatief denken", wanneer de meester een verhaal vertelt over groene schoenen, en Simone dan meteen moet denken aan de groene schoenen die mama van de week gekocht heeft. Associatief denken is heel goed, maar het kan ook voor problemen zorgen.

  • Voor welke problemen kan dit associatief denken zorgen bij Simone ?
  • Heb jij dat ook wel eens, dat je snel afgeleid bent ?
  • Wat kan de meester doen om Simone te helpen ?
  • Kan Simone zelf ook iets doen ?
  • Kunnen de ouders van Simone iets doen ?

in de klas zijn ook regels... !

er gebeurt zoveel in de klas...

Daan en Simone hebben last van de vele gebeurtenissen die zich in de klas afspelen. De dingen die de meester of de klasgenoten zeggen, de dingen die gebeuren wanneer iemand zomaar door de klas roept, of van zijn stoel af valt. In een groep van 20 tot 30 kinderen zijn er veel kinderen die anders op deze gebeurtenissen reageren. Sommige kinderen kunnen zich goed afsluiten en gaan zelfstandig aan het werk. Andere kinderen moeten gewoon even bewegen en dingen doen, daar kunnen zij zich weer beter door concentreren. Maar dit bewegen, tikken, dingen doen, kan ook weer storend zijn voor andere kinderen in de klas die zich graag willen concentreren.

soms moet je "associatief denken" even uitschakelen

Aan de andere kant vind je het heerlijk om "associatief" te denken. Als je in beelden denkt, denk je snel. Je denkt dan in meer dan 32 plaatjes per seconde, daar waar andere kinderen, die niet in plaatjes denken, in 2 a 3 woorden per seconde denken. Je bent gewend om snel te denken. En dit snelle denken levert de vele filmpjes op die zich in jouw hoofd afspelen. Als je moet lezen of een toets moet doen, worden je hersenen gedwongen om wat langzamer te denken.. En dat wil je liever niet, want het snelle denken met de filmpjes en de verhalen is zo fijn ! Toch is het belangrijk als je associatief denkt om je te realiseren dat er een tijd is om het toe te laten, om het te gebruiken, want het vormt wie je bent. En dat is oké. Maar er is ook een tijd dat je het even moet uitschakelen en dat je je moet concentreren. Want een goed punt halen voor de CITO toets is ook belangrijk.

een actieve leer- en luisterhouding

Wat Daan en Simone helpt is om meer aandacht te besteden aan hun actieve leer- en luisterhouding. Wat kunnen zij doen om zich beter te concentreren ? Om hun te helpen om het snelle denken wat te vertragen zodat ze zich beter kunnen concentreren ? Wat kan de juf doen om de hele klas te leren om zich wat beter te concentreren ? Speciaal hiervoor gaat "Stippe" je helpen. Stippe vertelt jou welke stappen je kan volgen om je beter te concentreren in de klas. Als de juf hier extra aandacht aan besteed, met de hele klas, zal het snel beter gaan !

hoe werk ik aan een actieve leer- en luisterhouding ?

Stippe is een tekenfiguurtje, die jou gaat helpen om je beter te kunnen concentreren. Stippe lijkt ook een beetje op Daan en Simone en heeft ook hulp nodig om zijn werk goed te kunnen doen. Stippe vertelt je hieronder wat jij kan doen om meer rust te ervaren in de klas en om je beter te concentreren. Hij geeft je vijf waardevolle tips waar je meteen mee aan de slag kunt. Het is hier belangrijk om te weten dat lekker druk doen ook mag. Je mag kletsen en plezier maken in de klas. Het snelle denken wat je gewend bent en wat je zo fijn vind, mag. Je hoeft er niet mee te stoppen ! Maar het is ook belangrijk om te weten dat als je een toets moet maken, een werkje moet maken in de klas, het even niet kan. Dat je op dat moment je even moet concentreren en je moet afsluiten voor de vele prikkels van buitenaf. En op dat moment komen de tips die Stippe je hieronder geeft goed van pas.

regel 1 : ik zit stil

Er gebeuren veel dingen in de klas. Zeker als je net vakantie hebt gehad en je komt terug op school, is het wel erg moeilijk om rustig te zijn. Toch is het belangrijk om rustig te zijn, want sommige geluiden (het kikken van je pen, het schuiven van je stoel, tokkelen op tafel) kunnen erg vervelend zijn. Als het lawaaierig wordt in de klas, wordt het moeilijk om je te concentreren. Je hoort dan niet alles wat de juf zegt, want de andere kinderen leiden ja af.

Rust is een basisbehoefte die elk kind nodig heeft, niet alleen jij! Het zorgt er ook voor dat je beter zelfstandig en geconcentreerd kan werken. Je hoeft niet de hele dag rustig te zijn, alleen wanneer andere kinderen echt even geconcentreerd moeten werken.

regel 2 : ik ben stil

Je kan kletsen en je kan luisteren. Maar als je aan het kletsen bent kun je niet luisteren. Je kunt die dingen echt niet tegelijk. Veel beelddenkers hebben een associatief geheugen. Dat betekent dat als de juf een verhaal vertelt, ze meteen denken aan een mop of een andere gebeurtenis die ze zelf hebben meegemaakt. Ze kunnen het dan niet voor zichzelf houden, maar moeten het gewoon vertellen aan de jongen of het meisje dat naast hun zit. Het is ook erg moeilijk om stil te zijn als jij je werk al af hebt. Sommige kinderen vinden het leuk om dat verhaal te horen, maar andere kinderen willen liever eerst hun werk afmaken.

Doordat jij ze stoort:

  • maken ze meer fouten
  • moeten ze steeds weer opnieuw beginnen omdat ze de draad kwijt zijn
  • hebben ze geen zin meer om te werken
  • willen ze toch graag horen wat er verteld wordt
  • maken ze snel een taak af om er maar snel van af te zijn (maar haastige spoed is zelden goed !)

regel 3 : ik steek mijn vinger op

Om te antwoorden op een vraag moet je een vinger opsteken. Het “woord vragen” gebeurt overal waar meerdere mensen samenzijn die alles wat gezegd wordt, moeten kunnen horen. Maar als je thuis aan tafel zit, hoef je je vinger niet op te steken. Maar in de klas zijn ook kinderen die hun vinger nooit opsteken. Je vinger opsteken gaat het makkelijkste als je goed rechtop zit. Maar het is niet altijd gepast om een vinger op te steken. Bijvoorbeeld als de juf bezig is met het voorlezen van een verhaal. Soms zal ze je vinger dan ook negeren (“nu even niet!”).

regel 4 : ik stop en ik denk na

Niet alleen in het verkeer moet je op gevaarlijke plaatsen stoppen, in de klas moet dat ook ! Als je een moeilijke opdracht krijgt, of

je moet een moeilijk woord opschrijven, dan stop je. Dan ga je nauwkeurig te werk, denk eens na, kijkt en luistert goed zodat je niet meteen hoeft te gummen. Je kan heel even stoppen, om even later weer verder te gaan. Ook bij rekenen kun je jezelf soms beter even afremmen. Moet je optellen of aftrekken als je “… + 5 = 9” ziet ?Is het nodig om de eenheden te splitsen of lukt het zonder splitsen ?

regel 5 : ik start en begin op tijd

Bij een wedstrijd wordt er vaak een startsignaal gegeven. Iedereen start samen. Toch zijn er in de klas leerlingen die als ze met hun taak starten, eerst nog hun schrijfgerei moeten zoeken, hun neus snuiten, de zakdoek in de afvalbak gooien, enkele potloden scherpen, nog een poosje zoeken naar hun lat… Als ze dan echt aan de taak beginnen, weten ze soms niet wat ze moeten doen. Te snel beginnen mag ook niet. Je moet luisteren naar de leerkracht die vaak nog heel wat belangrijke dingen zegt voor je aan de taak begint.

nog even op een rijtje : de vijf tips van Stippe

bron : Abimo Uitgeverij

Hier zie je alle Stippe's nog een keer op een rijtje. Een goede herinnering als je even niet meer weet hoe je je het beste kan concentreren. Probeer dit rijtje voor jezelf uit je hoofd te leren. Als je dat nog moeilijk vindt, print je de Stippe's gewoon en neem je ze mee naar school. Daar kan je ze op je tafeltje leggen. Laat het maar aan de juf zien. Ze kent Stippe waarschijnlijk al.

opdracht 10 - stippe bij jou op tafel

Met de knop hieronder kun je het kaartje van de Stippe's printen. Dit kaartje heb ik speciaal voor jou gemaakt zodat het jou helpt in de klas als je het even niet meer weet. Het kaartje hoeft niet de hele tijd op tafel te liggen. Als je het nodig hebt, pak je het gewoon even uit je laatje en kijk je er even naar. Probeer het maar eens !

[thrive_link color=’dark’ link=’https://leefintens-academy.com/wp-content/uploads/2017/08/stippe-actieve-luisterhouding.pdf’ target=’_new’ size=’medium’ align=’aligncenter’]download de hand-out[/thrive_link]